Steun ons en help Nederland vooruit

woensdag 12 november 2014

De Algemene Beschouwingen 2014 bij de begrotingsbesprekingen 2015, uitgesproken op 11-11-2014 te Beemster door Gerard Groot, fractievoorzitter

D66Beemster zal kort terugblikken en enigszins beschouwen zonder haar verkiezingsprogramma te herhalen. Daarna zullen we onze generieke en specifieke ambities langs de begrotingsvoorstellen leggen en aangeven wat we goed vinden, fout vinden en wat we missen. We onderkennen daarbij de beproefde strategie van de coalitie van het zuur in het jaar na de verkiezing en straks weer het zoet kort voor de volgende ronde.

We zagen na de verkiezingen vrijwel ongewijzigde verhoudingen en toch, zonder aanwijsbare redenen, partnerruil van de zo monogaam met de macht getrouwde partners VVD en BPP. Nu mocht het CDA weer eens aanschuiven.

Voor D66Beemster een bevestiging van een stabiele achterban die een frisse wind en een andere koers wil en dat is mooi als je altijd 3-10 speelt en dus vaak je gelijk wel hebt en niet krijgt.

We hebben intern geschoven en daarom sta ik nu hier

Er is lang gepraat na de verkiezingen, een bescheiden programma-akkoord is pas veel later gevolgd door een soms niet veel concreter collegeakkoord. Maar er is wel geluisterd, D66Beemster herkent en erkent een aantal initiatieven die haar welgevallig zijn.

Het regent bestemmingsplanwijzigingen in de polder, hetgeen de vraag oproept hoe zorgvuldig deze vaak zeer recente bestemmingsplannen zijn voorbereid.

Er is veel zuurkool ontleed ( lees accommodatiebeleid opgezet) maar de worst ontbreekt nog steeds

De ambtelijke samenwerking met Purmerend leidt tot (stilzwijgende) aanpassingen van werkwijzen en instrumenten van de bestuurlijke bedrijfsvoering, ik wijs op de verlate Bestuursrapportage.

De taken en rol van gemeenten en daarbinnen van haar geledingen ( de BM, het College, de Raad etc) staan voortdurend op de voorpagina. D66Beemster zoekt daarbij evenwicht tussen enerzijds stabiliteit en het behouden van het goede en anderzijds het aanpassen aan gewijzigde omstandigheden en het vinden van nieuwe slimme antwoorden op bv de vraag wat 3d’s nu eigenlijk inhouden. Toetsen van plannen, van resultaten en van effecten moet mogelijk zijn zonder Jomanda of een ander alwetend medium te hoeven raadplegen. Wij zullen daar scherper op moeten worden en als Raad aangeven wat wij willen en hoe we dat willen. Kaderstelling en het budgetrecht zijn voor ons essentiële raadsinstrumenten.

De transities bv vragen een goede en periodieke monitoring op de uitvoering (vraag vs uitnutting budget; tevredenheid vs klachten).

Ook een intensieve communicatie met en respons van cliënten en mantelzorgers is nodig. Mantelzorgers dienen niet alleen ‘mentaal te worden ondersteund, maar ze moeten een prominente rol krijgen in de evaluatie van de uitvoering van de transities. Daar hoort ook bij wat er met de opmerkingen, klachten en suggesties van de mantelzorgers wordt gedaan. Zij zijn de thermometer (!) van ons zorgstelsel.

We hebben duidelijke kwalitatieve doelen en kwantitatieve doelstellingen nodig en indicatoren om duidelijk te krijgen of we op koers liggen. De voorliggende programmabegroting pretendeert dat wel te bevatten maar blijft steken in voornemens die maar geen plannen willen worden, laat staan meetbare doelstellingen.

Naast veiligheid, ordening, openbare orde, hulp voor de zwakkeren en het opheffen van marktimperfecties is de zorg voor het openbaar domein een belangrijke overheidtaak. Het is jammer dat we wederom met voornemens worden geconfronteerd om ons bezit beter te gaan beheren maar tegelijk constateren dat er geen vastgestelde beheervisie is. Ook zien we een mededeling dat we met onze oevervoorzieningen achterstallig onderhoud laten ontstaan, zonder dat dat het College aanleiding geeft voor reparatievoorstellen, voor deze spullen en voor de begroting dus. Het openbaar domein is ons visitekaartje, een werelderfgoed bevat niet alleen uitrukposten maar moet ook door het leven kunnen als Garden of Amsterdam of als lusthof.

We vinden het goed dat het College aan dat laatste meer aandacht geeft. Aandacht voor toerisme, voor openheid en toegankelijkheid, eerder sprake wij van een sterk groen merk. We hebben daar een echt voorbeeld van, een ICONO tussen de andere iconen. Ook de bevordering van het vestigingsklimaat voor ondernemers in Beemster én vooral ook in de regio heeft onze instemming. Dit geldt ook voor de door ons eerder bepleitte monumentenverordening.

Het is serieus tijd voor bundeling van Beemster krachten op toerisme gebied met een regierol van de gemeente voor samenwerking tussen Historisch genootschap Beemster, Beemster erfgoed, en de andere stakeholders. Vrijwillige samenwerking, geen fusie , er is vrijheid van vereniging tenslotte.

Voor de portefeuilles RO en stedenbouwkundige concepten, willen wij nogmaals pleiten voor het concept van het Waterlands Wonen volgens lintbebouwing en gridmodel. Voor de linten gaan wij door het lint en willen wij van geen wijken weten zullen we maar zeggen. Ook de samenstelling van de nieuwbouw dient te worden heroverwogen, wij willen meer aandacht voor starters en de kleine portemonnee. Wij vragen hiervoor aandacht. Hiervoor gaf ik aan dat bestemmingsplannen zorgvuldiger opgesteld moeten worden. Bestemmingsplan Buitengebied lijkt alweer vernieuwd te moeten worden en BP ZOB 1971 is nog steeds geldend, op de vele deelbestemmingsplannen na. Het College roepen we op hierbij gebruik te maken van de in ontwikkeling zijnde dorpsvisies.

Bijbehorende grondexploitaties vormen nog steeds een groot risico op verliesgevendheid en zijn daarmee potentiële molenstenen. We vragen voortdurend aandacht voor de financiële positie van de gemeente. De schaal der dingen om ons heen leidt tot steeds meer aanslagen op en risico’s voor onze “in een hand” houdbare financiën. We wijzen tot onze frustratie nogmaals op ZOB II, de strategische aankoop daar irriteert ons nog steeds als we de renteafboeking zien van ruim 80 mille en het uitstel dat weer is aangekondigd. Wij komen daar op terug, de prijs die we betalen voor een agrarisch plusobject vinden we nog steeds te hoog.

De portefeuille Duurzaamheid verdient ons aller aandacht en steun. Wij willen investeringen aanjagen in bestaande bouw, m.n. isolatie en energiebesparing. Het warmtewisselaar-concept van de Warme Weiden uit de Beemster kan zo de wereld in. Moderne windmolens in kapvorm zijn o.i haalbaar, de OZB kan afhankelijk worden gemaakt van een energielabel. De gemeente dient haar voorbeeldfunctie waar te maken, een milieumanagementsysteem voor haar apparaat en domein is daarvoor een geschikt middel. En LED-verlichting is tenslotte een icoon voor een verlicht bestuur en een verlichte polder.

Tot slot wat opmerkingen over transparantie en openheid, met name voor het bestuur en haar financiën.

Wij juichen inspraak en openheid over de beleidsagenda’s van harte toe, ga met je problemen naar de betrokkenen, geef ruimte en richting zoals bij de dorpsvisie.

De programmabegroting is echter nog niet transparant genoeg in onze ogen. Er is natuurlijk sprake van een transitie maar wij vinden de pretenties groter dan de daadwerkelijke inhoud.

Er is sprake van een zoekplaatje vinden wij en het samenvallen met een veel aandacht vragen de bestuursrapportage helpt daar niet bij. Eerst zien we een referentiebeeld uit het financieel meerjarenperspectief, daarna volgt een overzicht van autonome en onvermijdelijke ontwikkelingen, dan van ontwikkelingen in de programma;s die kennelijk niet autonoom en wel vermijdbaar zijn maar toch plaatsvinden en dan komt een nieuw fenomeen, een dekkingsplan. Dit dekkingsplan bevat wederom ontwikkelingen in gelukkig bescheiden bibliofoob gedrag, speculatieve aannames over een antispeculatiebeding, autonome ontwikkelingen in de uitkering en uitnamen uit spaarpotten van burgers, egalisatiereserves geheten. Tot slot wordt uit het dekkingsplan een eenmalige uitname gedaan, dus geen dekking, van een niet gespecificeerd bedrag van 500.000 euro. In de aanbiedingsbrief wordt gesteld dat de ambities van het collegeprogramma in deze begroting zijn verwerkt maar dat voor de daadwerkelijke uitvoering dit bedrag van 500K nodig is en beschikbaar want we hebben ons tafelzilver verkocht. En we verhogen de tarieven voor riool en afval zeer fors. Dit geheel verbaast en verdriet ons en wij vinden daarom dat wij als Raad niet akkoord kunnen gaan met deze werkwijze. We pleiten voor enige herbezinning, een jaar van oriëntatie, verdieping en keuzes maken en daarna een planmatige uitvoering. Met name het dossier van de basisregistraties verdient o.i. een businesscasebenadering. We komen er bij de tarieven en bij de programmabegroting per motie en amendement zonodig op terug. Voor het goede begrip, wij beschouwen 2015 zonder ingrepen niet als een rampjaar maar als een transitiejaar. We vinden een aparte reserve, want dat is een ongespecificeerde stelpost van 5 ton, niet nodig, het kan prima per uitgewerkt voorstel, zoals past bij het budgetrecht van de Raad.

Als oppositiepartij hebben wij het motto “zonder wrijving geen glans”. Wij willen ondanks tegengestelde opvattingen over woningaantallen, omgaan met je erfgoed etc. samen optrekken voor een Beemsterpolder waar het voor iedereen prettig wonen, verkeren en werken is. Wij zien bij de nieuwe wethouders daarvoor een positieve grondhouding en wij zullen u helpen waar we kunnen en waarschuwen en proberen te behoeden voor spijtmaatregelen. Wij wensen het College succes met het eindresultaat van deze zitting maar zover is het nu nog niet.